Chronisch zieken
Chronische aandoeningen zijn aandoeningen zonder uitzicht op volledig herstel of met een gemiddeld lange ziekteduur. Voorbeelden van chronische aandoeningen zijn angststoornissen, astma, constitutioneel eczeem, chronische obstructieve longziekten (COPD), coronaire hartziekten, depressie, diabetes, gehoorstoornissen, gezichtsstoornisen, knie- of heupartrose en osteoporose. Met het stijgen van de leeftijd neemt zelfs de kans op meerdere chronische aandoeningen per mens toe. Het aantal mensen met een chronische aandoening is, onder andere door de vergrijzing, in de afgelopen jaren gegroeid tot 10% tot 15% van de totale bevolking (= 1,5 tot 2,5 miljoen mensen).- Beargumentering van het beleidsthema
- Mensen met een chronische aandoening zijn minder lichamelijk actief dan de algemene bevolking. En juist bij deze doelgroep blijkt meer bewegen een positief effect te hebben op de gezondheid. Door in te zetten op wat mensen nog kunnen, sociale steun te vragen bij familie, vrienden, huisarts, fysiotherapeuten en andere professionals, is het goed mogelijk deze doelgroep (meer) in beweging te krijgen. Zodat men weer plezier ervaart in bewegen (en sport) en gewerkt wordt aan de kracht in plaats van klacht!Belangrijke redenen om minder actief te zijn, zijn het hebben van meerdere chronische aandoeningen, het langzaam verslechteren van de gezondheidstoestand, pijn, lichamelijke beperkingen, vermoeidheid, onder behandeling zijn van een arts. Daarnaast worden sportverleden, ervaren moeite, intensiteit, angst en onzekerheid over eigen kunnen genoemd als redenen om minder te bewegen. Naar schatting beweegt meer dan de helft van de mensen met een chronische aandoening of een handicap ronduit te weinig. Zij halen een half uur per dag (matig intensief) bewegen niet, dat is de Nederlandse Norm Gezond Bewegen. In de winter doet zelfs 15 procent van de chronisch zieken helemaal niets.Gelukkig is bij veel artsen, specialisten en (para-)medici het besef gegroeid dat een actieve leefstijl erg belangrijk is voor mensen met een chronische aandoening. Zij adviseren steeds meer mensen om meer te gaan bewegen. Ook bij mensen zelf is er gelukkig een houding van “Ik wil meer gaan bewegen!”. En als men eenmaal aan de slag is gegaan in groepsverband of alleen is hun ervaring “Ik kan meer dan ik dacht!”
- Doelstellingen van beleidsthema
- Gemeenten kunnen een actieve rol spelen om ook mensen met een chronische aandoening meer in beweging te krijgen.
In de praktijk blijkt vooral de ketenaanpak actieve leefstijl via gezondheidscentra, huisartsen en fysiotherapeuten goed te werken. Deze zorgprofessionals kunnen echter zeker een steun in de rug gebruiken. Vaak hebben zij geen goed overzicht van het lokale beweegaanbod. Ondersteuning vanuit gemeentelijke netwerken of het lokaal gezondheidsbeleid helpt hen zeer om de aansluiting te maken met de organisaties buiten zorg (welzijn , sport en bewegen).Gemeenten kunnen op deze aanpak aansluiten met hun eigen kennis en expertise. Naast het creëren van voldoende sportaanbod en beweegmogelijkheden reikt de verantwoordelijkheid van gemeenten immers verder: preventieve gezondheidszorg, het lokaal gezondheidsbeleid, welzijn en sport. En wat te denken van de Wmo.
- Toekomstvisie
- Het aantal mensen met een chronische aandoening stijgt de komende jaren sterk. Grotendeels komt dit door de vergrijzing van de bevolking, maar ook ongezond gedrag speelt een belangrijke rol. Naar verwachting hebben in 2025 ongeveer 940.000 mensen diabetes, 1.200.000 mensen osteoporose en 540.000 mensen COPD (chronische obstructieve longziekten). Dit blijkt uit recent onderzoek van het RIVM (Bron: RIVM).
- Resultaten
- Resultaten die kunnen worden geformuleerd zijn:
- 5% meer mensen met een chronische aandoening voldoen aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen (NNGB);
- 1% van de mensen met een chronische aandoening is minder inactief;
- In alle wijken c.q. op ....... plekken wordt er samen met zorgprofessionals (huisartsen, fysiotherapeuten, etcetera) en professionals/organisaties uit de welzijns-, sport- en beweegsectoren, gewerkt aan de bevordering van een actieve leefstijl;
- ....... aantal sportverenigingen besteden aandacht aan sport en bewegen voor mensen met een chronische aandoening.
- Activiteiten en middelen
- Integraal beleid op het gebied van sport en bewegen van mensen met een gezondheidsrisico en/of chronische aandoening;
- Netwerkbijeenkomsten betrokken organisaties in de keten;
- Subsidiering van meerkosten;
- Initiëren en ondersteunen van de ketenaanpak actieve leefstijl;
- Sociale kaart bestaand sport- en beweegaanbod;
- Ondersteunen van initiatieven van sport-, beweeg- en welzijnsorganisaties die extra aandacht willen besteden aan bijvoorbeeld hart- en vaatziekten, diabetes, COPD/astma en klachten aan het bewegingsapparaat (rugpijn, artrose, etc.).
- Monitoring en Evaluatie
- Ga bij de evaluatie van de verandering in het sport- en beweeggedrag uit van de Nederlandse Norm Gezond Bewegen (NNGH);
- Maak gebruik van door TNO PG (www.tno.health.nl) en NISB (www.nisb.nl) ontwikkelde instrumenten.
- Handige tips
- Volgt
- Insprirerende voorbeeldprojecten
- 'ZORG methode' (specifieke benaderings- en stimuleringsmethode): www.nebasnsg.nl;
- 'Bewegen op recept' (patiënten tussen 18 en 65 kunnen op recept één keer per week bewegen onder deskundige begeleiding): www.bewegenoprecept.nl;
- 'SCALA' (sportstimuleringsstrategie voor mensen met een chronische aandoening van 55 jaar en ouder): www.scala.galm.nl;
- 'Revalidatie en sport' (via revalidatiecentra en ziekenhuizen verbeteren van beweegegdrag): www.revalidatieensport.nl;
- 'Big move' (beweegprogramma voor mensen die kampen met overgewicht, suikerziekte, hart- en vaatziekten, spanningen en moeheid): www.bigmove.nu.
Gezondheidscentrum Orion (Eindhoven) in beweging
Doktersassistenten en praktijkondersteuners kunnen een actieve rol spelen om mensen met een chronische aandoening meer in beweging te krijgen. Natuurlijk het liefst samen met de huisarts, fysiotherapeut en andere beroepskrachten. Tijdens reguliere controles van bijvoorbeeld diabetici wordt ook voorlichting gegeven, specifiek gericht op de individuele patiënt. Er wordt gekeken naar kennis van de patiënt over zijn of haar ziekte, over de benodigde gedragsveranderingen en het leren omgaan met de gevolgen van aandoeningen. Bij het veranderen van gedrag wordt altijd het belang van voldoende beweging besproken. Omdat veel chronisch zieken over het algemeen moeilijk tot beweging komen, wordt met de patiënt ingegaan op de diepere oorzaak ervan. Het gezondheidscentrum heeft hiervoor een aparte bewegingsconsulent (www.denieuwepraktijk.nl).Gezondheidscentrum Venserpolder, Amsterdam Big MoveHet Big Move programma (Beweging In Gedrag), dat in 2004 startte is op een leuke, positieve manier aan gedragsverandering werken. De huisartsen in het gezondheidscentrum bekijken tegenwoordig samen met de patiënt of een klacht veroorzaakt wordt door leefstijl of door ziekten. Als leefstijl de oorzaak is en de patiënt zich gezonder wil gaan gedragen wordt hij verwezen naar de Big!Move. Na een intensieve intake biedt Big!Move een zorgvuldig opgebouwd bewegingsprogramma. Na een half jaar begeleiding stelt dat mensen in staat zelfstandig door te gaan met bewegen.Sport en bewegen in Zuid Oost Brabant
In de gezondheidsregio Zuidoost-Brabant hebben zeven gemeenten BOS-impuls-projecten binnengehaald. Vanuit preventief gezondheidsbeleid krijgt sport en bewegen hierin de aandacht die het verdient. Voor de (algemene) GGD is geen specifieke rol weggelegd in het bereiken van de doelgroep chronisch zieken maar wel is in de bestaande netwerken lokaal gezondheidsbeleid een bewegingsaanbod voor chronisch zieken opgenomen in de lokale actieplannen (mede vanuit Wmo-verantwoordelijkheid). In de Brabantse lokale netwerken zitten vooral partijen met elkaar aan tafel die de lichamelijke en sociale gezondheid willen bevorderen, variërend van huisartsen, thuiszorg, gemeenten en soms woningcorporaties en zelfs apothekers. Sport- en beweegaanbieders of sportambtenaren zouden hier natuurlijk ook expertise kunnen inbrengen.
- Mogelijke samenwerkingspartners
- Binnen het gemeentelijk apparaat zelf de beleidsmedewerkers verantwoordelijk voor het lokale gezondheidsbeleid, WMO en het sport en beweegbeleid;
- Regionale Ondersteuningsorganisaties in de Zorg;
- GGD;
- Ondersteuningsorganisaties en aanbieders op het gebied van welzijn;
- Ondersteuningsorganisaties op het genied van sport en bewegen;
- Gezondheidscentra;
- Huisartsen;
- Fysiotherapeuten.
- Interesante links en relevante literatuur
- Links:
- www.sportiefbewegen.nl;
- www.nisb.nl/ketenaanpak (stappenplan opzetten sport- en beweegactiviteit voor mensen met een chronische aandoening, factsheet ketenaanpak actieve leefstijl, etc.);
- www.30minutenbewegen.nl;
- www.aktiefadvies.nl;
- www.sportzorg.nl;
- electronische nieuwsbrief via www.sportiefbewegen.nl.

