Sport en Onderwijs


Het thema 'sport en onderwijs' betreft voor-, tijdens en naschools sport- en beweegaanbod. Het gaat zowel over de kwaltiteit van het bewegingsonderwijs, het aantal uur sportonderwijs op school (kwantiteit) als de samenwerking met andere organisaties zoals:
 
 
Goed en gevarieerd bewegingsonderwijs voor, tijdens en/of na school is van belang voor de motorische ontwikkeling van kinderen. Het onderwijs legt het fundament voor een duurzame, gezonde en sportieve leeftstijl - en daarmee een sportieve sanenleving. Sport kan bovendien bijdragen aan het bereiken van verschillende onderwijsdoelstellingen: de ontwikkeling van verschillende fysieke, mentale en sociale competenties. Op school zijn alle kinderen en jongeren aanspreekbaar en kan optimaal gebruik worden gemaakt van de mogelijkheden die de school heeft om jongeren te laten bewegen. Uit het bewegingsonderwijs alleen halen jongeren te weinig beweging. Daarom is het belangrijk om ook andere mogelijkheden te creeren: het organiseren van naschoolse activiteiten in samenwerking met sportorganisaties en het beter benutten van sport- en speelruimtes in en om school.
 
 
Beargumentering van het beleidsthema
 
Ze resulteren niet als vanzelf uit de deelname. Of en hoe zij zich voordoen, hangt nauw samen met de aard van de interacties tussen de leerlingen en hun leraren, ouders en sportleiders. Contexten die positieve ervaringen benadrukken worden gekenmerkt door:
 
  1. plezier, diversiteit (gevarieerdheid);
  2. het engagement van allen;
  3. daartoe aangewezen (toevertrouwde) en goed opgeleide leraren en trainers/coaches/sportleiders en ondersteunende en geïnformeerde ouders.

en beïnvloeden het karakter van deze fysieke activiteiten in hoge mate en doen de waarschijnlijkheid toenemen dat de mogelijke positieve effecten van deelname worden gerealiseerd. Stegeman (2007) heeft in zijn onderzoek de volgende zaken aangetoond:

  • (matig) fysieke activiteit kan via verhoogde aandacht en concentratie de schoolse resultaten bevorderen. Er kan zonder terughoudenheid worden vastgesteld dat (meer) sport en beweging op school bij een gelijkblijvende totale onderwijstijd niet nadelig hoeft te zijn voor de schoolprestaties;
  • er is sprake van een een positieve relatie tussen (succesvolle) participatie aan sport en bewegen en het welbevinden en het gevoel van eigenwaarde;
  • deelname aan sport en bewegen onder voorwaarden (waaraan in het kader van het onderwijs bij uitstek kan worden tegemoetgekomen) bij kan dragen aan het bevorderen van pro-sociaal gedrag;
  • een aantrekkelijk aanbod van sport- en bewegingsactiviteiten kan onder voorwaarden schooluitval en schoolverzuim bepreken.


Toekomstvisie
 
Trends:
  • Sport is een interessant marketing instrument voor scholen;
  • Meer maatschappelijke taken voor de sportverenigingen;
  • Professionalisering van sportverenigingen.

 

 

Doelstellingen van beleidsthema
 
  • Op alle PO-scholen vakdocenten LO;
  • Invoeren van beweegmanagement;
  • Meer brede sportactieve scholen;
  • Meer samenwerking tussen scholen en sportverenigingen;
  • Sportverenigingen en overige sportaanbieders ondersteunen het sport en beweegaanbod tijdens en na schooltijd;
  • Sportieve naschoolse opvang;
  • Dagarrangementen;
  • Verbeteren schoolresultaten (via verhoogde aandacht en concentratie d.m.v. fysieke activiteiten);
  • Beperken van schooluitval en schoolverzuim (d.m.v. een gepast aanbod);
  • Verbeteren van pro-sociaal gedrag op school.


Resultaten
 
  • Goed en gevarieerd bewegingsonderwijs;
  • 3 uur per week sportonderwijs op school;
  • In 2010 kan op 90% van alle scholen elke leerling dagelijks sporten binnen en buiten de schooluren;
  • 3000 sterke sportverenigingen in Nederland;
  • 2500 Combinatiefunctionarissen in 2011 voor brede school, sport en cultuur.


Activiteiten en middelen
 
  • Naschoolse sportactiviteiten;
  • Combifuncties;
  • Scholencompetitie;
  • Sport Matcht School; samenwerking tussen 15 sportbonden, de Alliantie, NOC*NSF en Sportservice.net, waarbij in 10 gemeenten 10 scholen worden gekoppeld aan 10 sportverenigingen (zie www.alliantieschoolensport.nl);
  • Beweegmanagement; Dit netwerk (buurt, onderwijs en sport) organiseert structureel vanuit het onderwijs activiteiten die gericht zijn op het meer en beter sporten en bewegen van de jeugd (zie: www.nisb.nl).
Monitoring en evaluatie
 
Het monitoren van sportgedrag van leerlingen kan met behulp van een leerlingvolgsysteem.
Hiervan zijn er diverse op de markt, bijvoorbeeld:
 
Leerlingvolgsysteem bewegen en spelen (Elsevier: ISBN 90-352-2314-4)
Met dit leerlingvolgsysteem kan de bewegings- en spelontwikkeling van kinderen 2-16 jaar geobserveerd en geregistreerd worden. Het systeem bestaat uit vier onderdelen: motorische vaardigheid, spelinzicht, gedrag in spelsituaties en klein-motorische vaardigheid.
 
Leerlingenvolgsysteem SLO (www.slo.nl)
In een samenwerking tussen SLO en KVLO (Koninklijke vereniging Leraren Lichamelijke opvoeding) is een gebruiksvriendelijk digitaal leerlingvolgsysteem ontwikkeld. Het leerlingvolgsysteem is gebaseerd op twaalf leerlijnen en tussendoelen voor verschillende leeftijdsgroepen. Door gericht te kijken naar vorderingen van leerlingen kan er gestructureerd en planmatig worden gewerkt aan de bewegingsontwikkeling van kinderen. Het leerlingvolgsysteem vraagt geen extra ‘toets’ tijd, want het volgt de ontwikkeling tijdens activiteiten die in de gewone gymles aan de orde komen.
 
Dit digitale volgsysteem heeft vele toepassingsmogelijkheden: het geeft o.a. overzichten per leerling en per groep, het berekent gemiddelde scores en kan snel een overzicht leveren van bewegingszwakke leerlingen. Ook voor een check van de landelijke beweegnorm, waar de les bewegingsonderwijs een bijdrage aan levert, is het leerlingvolgsysteem goed te gebruiken.
Handige tips
volgt
 
Inspirerende voorbeeldprojecten
 
  • Rotterdam Lekker Fit! Rotterdam investeert in kwaliteit en kwantiteit van het sport- en spelaanbod, tijdens en na schooltijd (www.lekkerfit.nl);
  • Den Haag Haagse Sporttuin, multifunctioneel sportcomplex in achterstandswijk, laagdrempelige activiteiten (www.dehaagsesporttuin.nl);
  • Eindhoven Naschoolse Activiteiten, Combinatiefunctionaris begeleidt, traint en motiveert de leerlingen van school naar het sportcomplex (www.sportformule.nl);
  • Amsterdam Topscore, naschools aanbod voor jongeren van 12 tot 18 jaar in samenwerking met de sportverenigingen (www.topscore.amsterdam.nl);
  • Enschede Scholingsboulevard, samenwerking van vmbo-scholen en MBO-instellingen om voortijdig schooluitval tegen te gaan (www.scholingsboulevard.nl).

 

 
Mogelijke samenwerkingspartners
 
  • Sportverenigingen;
  • Onderwijs;
  • Lokale sportraad;
  • Welzijnsorganisatie;
  • Provinciale sportraad / huis van de sport;
  • NOC*NSF.


Interessante links en relevante literatuur
 
Links:
 
Literatuur:
  • Effecten van sport en bewegen op school: H. Stegeman, W.J.H. Mulier instituut ’s Hertogenbosch, februari 2007;
  • 'Hoe onderwijs samenwerkt met haar sportomgeving' in Visie- en ontwikkelgids 'Vernieuwing lokaal sportbeleid' VSG, blz. 82-83;
  • 'Kruipen, lopen, fietsen en zwemmen leer je op een kindercentrum' in Visie- en ontwikkelgids 'Vernieuwing lokaal sportbeleid' VSG, blz. 84-85;
  • 'De Amsterdamse aanpak' in Visie- en ontwikkelgids 'Vernieuwing lokaal sportbeleid' VSG, blz. 23-25;
  • 'Schoolzwemmen nieuwe stijl' in Visie- en ontwikkelgids 'Vernieuwing lokaal sportbeleid' VSG, blz. 36.